Deze website is deel van www.bruggelokaal.be.

Heeft U vragen of klachten rond ongewenste intimiteiten, pestgedrag of elke andere vorm van grensoverschrijdend gedrag dan kan u terecht bij de volgende bestuursleden. Zij zijn de aanspreekpunten binnen  onze club.

Olivier Van Steen

Christel Zutterman

Uiteraard kan u ook bij andere bestuursleden terecht.

Wat is seksueel grensoverschrijdend gedrag?

Seksueel grensoverschrijdend gedrag: elke vorm van seksueel gedrag of seksuele toenadering, in verbale, non-verbale of fysieke zin, waarbij niet wordt voldaan aan één of meerdere van de zes criteria (wederzijdse toestemming, vrijwilligheid, gelijkwaardigheid, passend bij de context, passend bij de leeftijd of ontwikkeling en zelfrespect).

Wat is seksueel misbruik?

Seksueel misbruik is elke vorm van seksueel grensoverschrijdend gedrag, in verbale, non-verbale of fysieke zin, opzettelijk of onopzettelijk, waar geen wederzijdse toestemming voor bestaat, en/of die op een of andere manier is afgedwongen, en/of waar het slachtoffer veel jonger is of in een afhankelijke relatie staat.

Hoe vaak komt seksueel grensoverschrijdend gedrag voor in de sport?

In 2014 werd er in het kader van de overheidsopdracht ‘Ethisch Verantwoord Sporten’ door de Universiteit Antwerpen een grootschalig onderzoek uitgevoerd bij 2044 Vlaamse volwassenen tussen 18 en 50 jaar. Uit de resultaten bleek dat 17% van hen minstens één ervaring rapporteerde van seksueel grensoverschrijdend gedrag in een sportomgeving voor de leeftijd van 18 jaar. De meest gerapporteerde ervaringen zijn dat men nagefloten of nageroepen werd, er over de sporter seksistische grappen of seksueel getinte opmerkingen gemaakt werden, en dat de sporter ongewenst aangeraakt of betast werd. Wanneer we kijken naar de ernst van de meegemaakte ervaringen zien we dat 2% van de respondenten enkel mild, 8% matig en 7% slachtoffer werd van ernstig seksueel grensoverschrijdend gedrag. Het risico dat ook jouw sportorganisatie vroeg of laat wordt geconfronteerd met signalen of vermoedens van ongepast gedrag is dus reëel.

 

Wat is grooming?

Grooming is het proces waarin de pleger zijn slachtoffer isoleert en bewust voorbereidt op het misbruik. De pleger probeert langzaam het vertrouwen te winnen van zijn slachtoffer en systematisch de grenzen tussen pleger en slachtoffer te laten vervagen. Dat proces kan weken, maanden en zelfs jaren duren. De pleger probeert stapsgewijs dichterbij te komen om geheimhouding mogelijk te maken. Het groomingproces is verraderlijk omdat het hierdoor zal lijken dat de sporter ‘vrijwillig meewerkt’ aan het misbruik.

Kinderen zijn als afhankelijke individuen in een opvoedingscontext uiterst kwetsbaar voor deze benadering, maar ook jongeren en jonge volwassenen in een sterke afhankelijkheidsrelatie, zoals tussen een sporter en een coach, kunnen het slachtoffer worden van zo’n proces. De sporter heeft vaak een groot vertrouwen in de coach of een andere begeleider die hij al als een autoriteit aanschouwt. De pleger kiest vaak bewust zijn slachtoffers, werpt zich op als een vader- of moederfiguur en geeft aandacht aan privéaangelegenheden van de sporter. Celia Brackenridge, een gerenommeerd Brits onderzoeker, onderscheidt volgende fases in het groomingproces:

  • Uitkiezen van het slachtoffer: kwetsbare sporters observeren, mogelijkheden creëren om de betrouwbaarheid uit te testen, aandacht geven en vriendschap sluiten.
  • Opbouwen van een vriendschapsrelatie en vertrouwensband: het slachtoffer speciaal doen voelen door bv. cadeautjes of beloningen te geven, tijd samen door brengen, te luisteren, een ruilsysteem in te voeren (“Jij moet nu even dit voor mij doen, want ik heb dat allemaal al voor jou gedaan”).
  • Slachtoffer isoleren en controle en loyaliteit invoeren: het slachtoffer toegang tot anderen weigeren, contact met ouders en vrienden buiten de sport aan banden leggen, inconsistent gedrag (de ene keer een beloning geven, de andere keer geen aandacht geven om zo het verlangen naar aandacht bij het slachtoffer aan te wakkeren), de toewijding van het slachtoffer uittesten.
  • Initiëren van het misbruik en in stand houden van het geheim: stapsgewijs seksuele grenzen verleggen, bij weerstand zeggen “Vorige keer vond je het oké”, medewerking vragen door schuldgevoel aan te praten “Dit heb ik van je tegoed” of “Kijk nu wat je gedaan hebt”, bescherming bieden met uitspraken als “Dit is ons geheim”, het slachtoffer in diskrediet brengen met “Niemand zal je geloven” of bedreigen “Als je ’t verder vertelt, is je sportieve carrière voorbij”…

Grooming is vaak succesvol in de sport omdat de sporter een groot vertrouwen heeft in zijn of haar coach of autoriteitsfiguur. De coach biedt de sporter de mogelijkheid of het vooruitzicht om prestaties te leveren. Naast concrete beloningen, geeft de coach de sporter vaak ook ontastbare voordelen zoals het gevoel om speciaal te zijn, vertrouwen, de lokroep van succes, veiligheid en superioriteit. De coach draagt zorg voor de sporter en beschermt hem of haar, waardoor die zich steeds afhankelijker zal opstellen. Hij lokt de sporter stap voor stap in de val en verkrijgt toestemming door bedreiging. Bedreigingen zoals “Ik zet je uit het team” zullen ervoor zorgen dat de sporter stilzwijgend toestemt. De gevoelsband tussen coach en sporter kan er ook toe leiden dat de sporter tijdens de grooming verliefd wordt op de coach. De vaak sterke emotionele band tussen coach en sporter kan de drempel tot melding of aangifte onoverkomelijk hoog maken voor de sporter.

Hoe vermijd je geruchten, roddels, onterechte beschuldigingen...?

Als sportbegeleider vervul je een voorbeeldfunctie in je sportorganisatie en draag je verantwoordelijkheid ten opzichte van jonge sporters. Het is dan ook belangrijk om te allen tijde de veiligheid en integriteit van de jonge sporters te garanderen. Als alle begeleiders zich houden aan de afgesproken gedragscode, is er geen probleem. Wel is er een probleem wanneer er vermoedens, geruchten of roddels zijn over het gedrag van een sportbegeleider t.a.v. een sporter.

Als er een open sfeer heerst, mensen elkaar kunnen aanspreken op gedrag en geruchten, situaties van één-op-één contact met jonge sporters beperkt worden en er duidelijke afspraken zijn, verkleint dat het risico dat anderen je (valselijk) kunnen beschuldigen van seksueel grensoverschrijdend gedrag en laat je controle en toezicht toe. Ook al heb je alleen maar goede bedoelingen, toch is het belangrijk om zulke aanklachten te allen tijde te voorkomen.

“Eens beschuldigd, altijd verdacht” – het is vaak een pijnlijke realiteit. Geruchten of roddels over seksueel grensoverschrijdend gedrag door een sportbegeleider leiden vaak ook tot morele paniek binnen de sportorganisatie. Het is de taak van het bestuur om de situatie, al dan niet in samenwerking met de aanspreekpersoon integriteit (API), discreet en integer op te vangen, aan te pakken en erover te communiceren met alle betrokkenen (zie het handelingsprotocol in het Raamwerk lichamelijke en seksuele integriteit en beleid in de sport of het reactieplan in SPORT MET GRENZEN: Beleidsinitiatieven om lichamelijk en seksueel grensoverschrijdend gedrag aan te pakken).